ECLI:NL:HR:2009:BK3063
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- F.H. Koster
- Rechtspraak.nl
Beroepsaansprakelijkheid advocaat wegens te late opzegging pachtovereenkomst
Eiser heeft verweerster, een advocaat, gedagvaard wegens beroepsaansprakelijkheid omdat zij te laat een pachtovereenkomst zou hebben opgezegd, waardoor eiser schade leed. De procedure startte in 1991 met een vordering van ƒ 213.672,--, die later werd verhoogd tot ƒ 699.970,--. De rechtbank wees het meer gevorderde af maar veroordeelde verweerster tot betaling van ƒ 213.672,-- met rente en kosten.
Beide partijen gingen in hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam, dat in 2007 het vonnis van de rechtbank bekrachtigde. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van eiser niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat er geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en veroordeelde eiser in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee werd het arrest van het gerechtshof definitief bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.