ECLI:NL:HR:2009:BK3183
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- F.H. Koster
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens overschrijding cassatietermijn in schuldsaneringsregeling
Verzoekster had bij de rechtbank Almelo een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, dat werd afgewezen. Vervolgens stelde zij hoger beroep in bij het gerechtshof Arnhem, dat het vonnis van de rechtbank bevestigde. Tegen dit arrest stelde verzoekster beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het cassatieberoep aan de hand van artikel 292 lid 5 in Pro verbinding met lid 3 van de Faillissementswet, dat bepaalt dat het cassatieberoep binnen acht dagen na uitspraak moet worden ingesteld. De cassatietermijn verstreek op 4 september 2009, terwijl het verzoekschrift pas op 5 september 2009 werd ingediend.
Hierdoor werd het cassatieberoep te laat ingesteld en verklaarde de Hoge Raad verzoekster niet-ontvankelijk. De uitspraak werd gedaan door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Van Oven en Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door vice-president Koster op 22 december 2009.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de cassatietermijn.