ECLI:NL:HR:2009:BK3331
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Nietigheid van appeldagvaarding wegens ontbreken akte van uitreiking
In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verstek was verleend tegen de verdachte die niet was verschenen op de terechtzitting in hoger beroep.
Tijdens de procedure bleek dat de akte van uitreiking van de dagvaarding in hoger beroep ontbrak in het dossier. De voorzitter van het Hof verklaarde dat dit stuk kennelijk in het ongerede was geraakt en niet meer kon worden geleverd. Dit leidde ertoe dat de Hoge Raad oordeelde dat de appeldagvaarding niet op de wettelijk voorgeschreven wijze was betekend.
De Hoge Raad vernietigde daarom het bestreden arrest en verklaarde de appeldagvaarding nietig om doelmatigheidsredenen. Hierdoor kon de verstekvonnis in hoger beroep niet in stand blijven. De overige middelen behoefden geen bespreking meer.
De uitspraak onderstreept het belang van een volledige en correcte procesdossier en de noodzaak dat de dagvaarding op juiste wijze wordt betekend volgens de wet.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de appeldagvaarding nietig wegens het ontbreken van de akte van uitreiking en vernietigt het bestreden arrest.