ECLI:NL:HR:2010:BK6909
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring medeplegen oplichting en valsheid in geschrift wegens onvoldoende motivering
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor medeplegen van oplichting en valsheid in geschrift met betrekking tot frauduleuze incasso-opdrachten bij de ABN AMRO bank. Het hof had bewezen verklaard dat verdachte samen met anderen valse incasso-opdrachten had verzonden en zich valselijk had voorgedaan als rechthebbende om zich wederrechtelijk te bevoordelen.
De Hoge Raad beoordeelde het cassatieberoep van verdachte en concludeerde dat de bewezenverklaring onder 1 onvoldoende was gemotiveerd. Uit de bewijsmiddelen kon niet zonder meer worden afgeleid dat verdachte met het oogmerk handelde om zichzelf en anderen wederrechtelijk te bevoordelen, noch dat hij opzet had op het valselijk opmaken van de incasso-opdrachten. De motivering van het hof was ontoereikend.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof voor zover het de bewezenverklaring en strafoplegging betrof en verwees de zaak terug naar het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwde berechting. Het beroep werd voor het overige verworpen. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 9 februari 2010.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor de bewezenverklaring en strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.