ECLI:NL:HR:2010:BL7406
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Beoordeling machtiging voortgezet verblijf in psychiatrisch ziekenhuis op grond van art. 37 Sr.
Betrokkene is op grond van art. 37 Sr Pro. door de strafrechter voor de duur van een jaar in een psychiatrisch ziekenhuis geplaatst. De officier van justitie verzocht vervolgens de rechtbank om een machtiging tot voortgezet verblijf te verlenen. De rechtbank heeft deze machtiging verleend, ingaande op 18 december 2009 en eindigend op 17 december 2010.
De Hoge Raad stelt vast dat ingevolge art. 51 lid 1 Wet Pro Bopz de artikelen 15 tot en met 18 van deze wet van overeenkomstige toepassing zijn op personen die op grond van art. 37 Sr Pro. verblijven. Dit betekent dat de rechter op verzoek van de officier van justitie een machtiging tot voortgezet verblijf kan verlenen, mits het verzoek tijdig wordt ingediend en de rechtbank binnen vier weken beslist.
De Hoge Raad overweegt dat gedurende een korte periode zowel de strafrechtelijke last als de machtiging tot voortgezet verblijf gelijktijdig van toepassing waren, maar dat dit geen belang voor betrokkene oplevert. Het beroep in cassatie wordt daarom verworpen. De Hoge Raad bevestigt hiermee de rechtmatigheid van de procedure en de toegepaste wettelijke bepalingen omtrent voortgezet verblijf in psychiatrische ziekenhuizen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de machtiging tot voortgezet verblijf blijft van kracht.