ECLI:NL:HR:2010:BM0060
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek belastingfraude met onjuiste aangiften
De aanvrager werd door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld wegens het opzettelijk doen van onjuiste aangiften vennootschaps- en inkomstenbelasting over de jaren 1994, 1995 en 1996. Hij had een door hem beheerste vennootschap opdracht gegeven om onjuiste aangiften te doen en had zelf onjuiste aangiften ingediend. De bewijsmiddelen toonden aan dat privé-verbouwingskosten ten laste van de vennootschap waren gebracht, te hoge bedragen voor zakelijke ritten met een privé-auto waren gedeclareerd en ontvangen huurpenningen niet waren aangegeven.
De aanvrager verzocht om herziening van het arrest op grond van een in 2001 met de Belastingdienst gesloten compromis, dat zou aantonen dat het nadeel van de belastingfraude lager was dan aanvankelijk aangenomen. De Hoge Raad oordeelde dat dit compromis reeds bekend was bij het hof en dat het feit dat de fraude achteraf minder ernstig bleek, de geldigheid van de strafvervolging niet aantast.
De Hoge Raad concludeerde dat de aanvrage kennelijk ongegrond was en wees het verzoek tot herziening af. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren op 6 april 2010.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af en bevestigt de veroordeling wegens belastingfraude.