ECLI:NL:HR:2010:BM0277
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing verzoek tot verificatie paspoort in vervalsingszaak
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd bewezenverklaard dat hij op 4 januari 2008 in het bezit was van een vermoedelijk vervalst Liberiaans paspoort. De verdediging verzocht het hof om het paspoort ter verificatie aan de Liberiaanse ambassade op te sturen, hetgeen werd afgewezen omdat het verzoek voorwaardelijk was gesteld en de voorwaarde niet werd vervuld.
Tijdens de procedure voerde de verdediging aan dat het paspoort authentiek was en legde zij stukken over, waaronder verklaringen van de Liberiaanse ambassade in Parijs en Brussel, en correspondentie waaruit bleek dat het paspoort via familie in Liberia was aangevraagd en naar Frankrijk was gestuurd. Het hof oordeelde echter dat het paspoort beschadigingen vertoonde die niet strookten met een authentiek document en achtte het niet aannemelijk dat het paspoort in de staat waarin het werd aangetroffen, was uitgegeven.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en oordeelde dat het hof niet verplicht was om uitdrukkelijk op het voorwaardelijke verzoek tot verificatie te beslissen, omdat de voorwaarde niet was vervuld. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee het arrest van het hof in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest dat het bezit van een vermoedelijk vervalst paspoort bewezen acht.