ECLI:NL:HR:2010:BM0783
Hoge Raad
- Cassatie
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep in zaak medeplegen verduistering ondanks overschrijding redelijke termijn
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch in een strafzaak over medeplegen van verduistering. De advocaat van verdachte heeft een middel van cassatie ingediend, dat door de Hoge Raad niet ontvankelijk wordt verklaard omdat het geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevat.
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad constateert dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, aangezien meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep.
Desondanks ziet de Hoge Raad, gelet op de opgelegde straf (werkstraf van zestig uren of subsidiair dertig dagen hechtenis) en de mate van termijnoverschrijding, geen aanleiding om rechtsgevolgen te verbinden aan deze overschrijding. De Hoge Raad volstaat met de constatering en verwerpt het beroep van verdachte zonder nadere motivering.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen ondanks overschrijding van de redelijke termijn.