ECLI:NL:HR:2010:BM2409
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt berekening schadevergoeding op basis van wettelijke rente
In deze zaak stond de vraag centraal of de schadevergoeding die voortvloeit uit het stellen van een garantie berekend moet worden op basis van de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 van Pro het Burgerlijk Wetboek, dan wel op basis van het percentage van de rendementsheffing in de inkomstenbelasting.
De zaak betrof een geschil tussen [eiser], wonende te een woonplaats, en Emmaplein Real Estate B.V., gevestigd te Groningen. Het geding in feitelijke instanties omvatte vonnissen van de rechtbank Groningen en een arrest van het gerechtshof te Leeuwarden. Tegen het arrest van het hof werd cassatie ingesteld door [eiser].
De Hoge Raad concludeerde dat de klachten in het cassatieberoep niet tot cassatie konden leiden en dat er geen aanleiding was om rechtsvragen te beantwoorden in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep, hetgeen de Hoge Raad volgde.
Het arrest werd gewezen door de raadsheren van Buchem-Spapens, van Schendel en Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann op 25 juni 2010. De Hoge Raad veroordeelde [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, welke aan de zijde van Emmaplein op nihil werden begroot.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en schadevergoeding wordt berekend aan de hand van de wettelijke rente.