ECLI:NL:HR:2010:BM2440
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring wegens onvoldoende steunbewijs in ontuchtzaak
De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte die werd veroordeeld voor ontucht gepleegd in oktober 2003 in Hoorn, waarbij hij als bewindvoerder over de rug van een cliënte wreef richting haar borsten. Het hof had de bewezenverklaring uitsluitend gebaseerd op de verklaring van de benadeelde partij, terwijl andere bewijsmiddelen onvoldoende steun boden.
De Hoge Raad oordeelt dat op grond van artikel 342, tweede lid, Wetboek van Strafvordering, een bewezenverklaring niet uitsluitend mag steunen op de verklaring van één getuige zonder voldoende aanvullend bewijs. De overige bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van verdachte en getuigen, proces-verbalen en documenten, boden onvoldoende steun aan de verklaring van de benadeelde.
Daarom is de bewezenverklaring niet met redenen omkleed en vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de bewezenverklaring, strafoplegging en schadevergoeding betreft. De zaak wordt terugverwezen naar het hof Amsterdam voor hernieuwde behandeling. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring wegens onvoldoende steunbewijs en verwijst zaak terug naar hof voor hernieuwde behandeling.