ECLI:NL:HR:2010:BM4396
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in zedenzaak
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam in een zedenzaak. De zaak betrof onder meer de beoordeling van opzet en wetenschap met betrekking tot een slachtoffer met een gebrekkige geestvermogensontwikkeling.
De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad vernietigde het bestreden arrest uitsluitend wat betreft de duur van de opgelegde gevangenisstraf en verminderde deze van 18 naar 17 maanden vanwege overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De overige middelen van cassatie werden verworpen zonder nadere motivering, aangezien deze niet leidden tot beantwoording van rechtsvragen van belang voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De uitspraak werd gedaan door de strafkamer van de Hoge Raad op 14 september 2010.
Uitkomst: Gevangenisstraf verminderd van 18 naar 17 maanden wegens overschrijding redelijke termijn.