ECLI:NL:HR:2010:BM7266
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid navordering inkomstenbelasting film-CV
Belanghebbende werd over het jaar 2000 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting opgelegd vanwege een verliescorrectie bij zijn deelname in een film-commanditaire vennootschap (CV). De Inspecteur corrigeerde het verlies omdat de CV volgens hem geen onderneming dreef. De Rechtbank te Breda vernietigde de navorderingsaanslag, maar het Hof 's-Hertogenbosch herstelde deze uitspraak en verklaarde de beroepen ongegrond.
In cassatie stond centraal of de navordering terecht was omdat zij was gebaseerd op een zogenaamd nieuw feit, namelijk de ontdekking van een 'license agreement' die aantoonde dat de film niet voor rekening en risico van de CV werd geëxploiteerd. De Hoge Raad oordeelde dat dit feit inderdaad los stond van de feiten die ten tijde van de oorspronkelijke aanslag bekend waren en dat dit een rechtvaardiging vormt voor navordering.
De Hoge Raad verwierp de klachten tegen het oordeel van het Hof en stelde dat het oordeel geen onjuiste rechtsopvatting bevatte en voldoende gemotiveerd was. Er werden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend. Het cassatieberoep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag blijft gehandhaafd.