ECLI:NL:HR:2010:BM7458
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens termijnoverschrijding
Op 16 november 2010 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een cassatieprocedure tegen een beschikking van de Rechtbank te Haarlem van 18 augustus 2008. Klager had een klaagschrift ingediend op grond van artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering. Hoewel klager een schriftuur heeft ingediend ter ondersteuning van het cassatieberoep, is deze schriftuur pas na het verstrijken van de wettelijke termijn ontvangen door de griffie van de Hoge Raad.
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat klager niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het beroep vanwege deze termijnoverschrijding. De Hoge Raad heeft dit advies gevolgd en geoordeeld dat het voorschrift van artikel 447, vijfde lid, Wetboek van Strafvordering niet is nageleefd. Hierdoor kan klager niet worden ontvangen in het cassatieberoep.
De beschikking is gegeven door de vice-president van de Hoge Raad, A.J.A. van Dorst, als voorzitter, samen met raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos, en uitgesproken in de openbare terechtzitting van 16 november 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het schriftuur.