ECLI:NL:HR:2010:BM8563
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van de aanvraag tot herziening van een veroordeling wegens overtreding APV Amsterdam
De zaak betreft een aanvraag tot herziening van een verstekvonnis van de Kantonrechter te Amsterdam uit 2008, waarbij de aanvrager werd veroordeeld wegens overtreding van artikel 2.2, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van Amsterdam. De veroordeling bestond uit een geldboete van €150,-, subsidiair drie dagen hechtenis.
De aanvraag tot herziening werd ingediend door de advocaat van de aanvrager en behandeld door de Strafkamer van de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal Aben bracht een conclusie uit waarin werd geadviseerd de aanvraag af te wijzen.
De Hoge Raad volgde deze conclusie en oordeelde dat de aanvraag ongegrond was, verwijzend naar de gronden in de conclusie van de Advocaat-Generaal. Op grond van artikel 468 van Pro het Wetboek van Strafvordering werd de aanvraag tot herziening afgewezen.
Het arrest werd uitgesproken op 22 juni 2010 door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, samen met raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in aanwezigheid van de waarnemend griffier J.D.M. Hart.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst de aanvraag tot herziening af en bevestigt de veroordeling van de Kantonrechter.