ECLI:NL:HR:2010:BM8885
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep in zaak WSNP en toepassing art. 288 Faillissementswet
De zaak betreft een verzoekster die cassatie instelde tegen een arrest van het gerechtshof 's-Gravenhage in een WSNP-procedure. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen en arresten in de procedure en behandelt het cassatieberoep op basis van art. 81 Wet Pro op de rechterlijke organisatie.
De advocaat-generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat nadere motivering niet nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Uiteindelijk verwerpt de Hoge Raad het cassatieberoep en bevestigt daarmee het oordeel van het gerechtshof dat voldaan is aan de vereisten van art. 288 lid 1 Faillissementswet Pro. Het arrest is gewezen door de raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 10 september 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.