ECLI:NL:HR:2010:BN2348
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt verbeurdverklaring personenauto wegens onduidelijk eigendom
In deze strafzaak stond de verbeurdverklaring van een Opel Kadett centraal, die in beslag was genomen in verband met overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994. De verdachte verklaarde tijdens de terechtzitting dat de auto niet van hem was, maar dat hij er wel mee mocht rijden. Desondanks had het hof geoordeeld dat de auto aan verdachte toebehoorde en besloot tot verbeurdverklaring.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof zijn oordeel onvoldoende had gemotiveerd, aangezien het niet begrijpelijk was dat de auto aan verdachte werd toegerekend zonder nadere onderbouwing, terwijl de verdachte zelf had verklaard dat hij niet de eigenaar was. Daarom vernietigde de Hoge Raad het onderdeel van het arrest dat de verbeurdverklaring betrof en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling.
De overige middelen van cassatie werden verworpen, en het beroep werd voor het overige afgewezen. De Hoge Raad bevestigde hiermee het belang van een zorgvuldige motivering bij verbeurdverklaring en het respecteren van de verklaringen van verdachte over eigendom.
De uitspraak werd gedaan door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad op 5 oktober 2010.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de verbeurdverklaring van de personenauto en wijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling.