ECLI:NL:HR:2010:BN4231
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep zonder nadere motivering door Hoge Raad
Op 12 oktober 2010 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep behandeld van een verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 29 oktober 2008. De verdachte, vertegenwoordigd door mr. B.P. de Boer, heeft middelen van cassatie voorgesteld die door de Advocaat-Generaal Vegter zijn bestreden.
De Hoge Raad overweegt dat de ingebrachte middelen niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist, omdat de middelen geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad besluit het beroep te verwerpen. Het arrest is gewezen door vice-president F.H. Koster als voorzitter, en raadsheren C.H.W.M. Sterk en M.A. Loth, en uitgesproken op 12 oktober 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen zonder nadere motivering.