ECLI:NL:HR:2010:BN6128
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens ontbreken goede trouw schuldenaar
In deze zaak heeft de schuldenaar een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam hebben dit verzoek afgewezen, waarbij werd geoordeeld dat de schuldenaar niet te goeder trouw handelde zoals vereist in artikel 288 lid 1 onder Pro b van de Faillissementswet.
De schuldenaar heeft hiertegen beroep in cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep onderzocht en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie. Er was geen aanleiding om rechtsvragen te beantwoorden die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd. De schuldenaar blijft daardoor uitgesloten van de schuldsaneringsregeling, omdat niet is voldaan aan de eis van goede trouw.
Het arrest is gewezen door de raadsheren van Buchem-Spapens, van Oven, van Schendel en in het openbaar uitgesproken door Numann op 15 oktober 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens ontbreken van goede trouw.