ECLI:NL:HR:2010:BN9201
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid verstekverlening ondanks inverzekeringstelling verdachte
In deze strafzaak is door het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch verstek verleend tegen de verdachte die niet is verschenen bij de terechtzitting in hoger beroep op 10 maart 2009. De verdachte stelde in cassatie dat hij ten tijde van de zitting uit anderen hoofde was gedetineerd en daarom niet vrijwillig afstand had gedaan van zijn aanwezigheidsrecht.
De Hoge Raad overwoog dat aan een cassatieklacht over verstekverlening alleen gegevens ten grondslag kunnen worden gelegd die uit de processtukken blijken of die als vaststaand kunnen worden aangenomen op grond van betrouwbare documenten. De aan de schriftuur gehechte kopieën van het bevel tot inverzekeringstelling en een melding van de politie waren niet volledig en boden onvoldoende steun voor de stelling dat de inverzekeringstelling op de dag van de zitting voortduurde.
Daarom faalt het middel en wordt het cassatieberoep verworpen. De Hoge Raad bevestigt hiermee dat verstekverlening rechtmatig kan zijn indien niet aannemelijk is dat de verdachte uit anderen hoofde verhinderd was aanwezig te zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de rechtmatigheid van de verstekverlening.