ECLI:NL:HR:2010:BO0191
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Verjaring bij mesothelioom door asbestblootstelling niet onaanvaardbaar naar redelijkheid en billijkheid
In deze zaak vorderen eisers schadevergoeding wegens mesothelioom veroorzaakt door blootstelling aan asbest. De kern van het geschil betreft de verjaring van hun vorderingen op grond van artikel 3:310 lid 2 BW Pro zoals dat gold tot 1 februari 2004. De rechtbank en het gerechtshof hebben het beroep op verjaring door Wilton Fijenoord gegrond verklaard en de vorderingen afgewezen.
Eisers stelden in cassatie dat het beroep op verjaring naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, gelet op de lange latentietijd van mesothelioom en de omstandigheden van het geval. De Hoge Raad oordeelt echter dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden en dat het beroep op verjaring niet onaanvaardbaar is. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om af te wijken van de eerdere rechtspraak omtrent de toepassing van artikel 3:310 lid 2 BW Pro.
Het arrest bevestigt daarmee de geldigheid van het verjaringsverweer in situaties van asbestgerelateerde ziekten, ook wanneer de latentietijd lang is. De Hoge Raad veroordeelt eisers tevens in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het verjaringsverweer van Wilton Fijenoord.