ECLI:NL:HR:2010:BO0201
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing beroep wegens valse ontslagreden
In deze zaak stond centraal de vraag of sprake was van een valse of voorgewende reden voor ontslag. Eiseres had tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem beroep in cassatie ingesteld. De Hoge Raad verwees naar de eerdere vonnissen van de kantonrechter en het arrest van het hof en concludeerde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden.
De advocaat-generaal had geconcludeerd tot verwerping van het beroep, waarop eiseres reageerde met een brief die niet via een advocaat was ingediend, waardoor de Hoge Raad deze niet in overweging nam. De Hoge Raad vond geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest van de Hoge Raad bevestigt daarmee het oordeel van het gerechtshof en veroordeelt eiseres in de kosten van het cassatiegeding. De uitspraak werd gedaan door een kamer van drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een vierde raadsheer op 3 december 2010.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.