ECLI:NL:HR:2010:BO1732
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens nieuwe WAM-verzekeringsverklaring leidt tot verwijzing naar gerechtshof
De aanvrager werd door de Kantonrechter veroordeeld tot twee weken hechtenis wegens overtreding van artikel 30, tweede lid, van de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen (WAM) op 16 augustus 2006 met een motorvoertuig met kenteken [AA-00-BB]. Na het vonnis werd een verklaring overgelegd waaruit bleek dat op die datum wel degelijk een geldige WAM-verzekering van kracht was.
De aanvrage tot herziening berust op het feit dat deze nieuwe omstandigheid, zoals bedoeld in artikel 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, van het Wetboek van Strafvordering, de aanvrager zou vrijspreken indien deze bij de oorspronkelijke uitspraak bekend was geweest. De Advocaat-Generaal concludeerde dat de Hoge Raad de herziening gegrond zou verklaren, de tenuitvoerlegging van het vonnis zou schorsen en de zaak zou verwijzen naar het gerechtshof.
De Hoge Raad volgt deze conclusie en beveelt opschorting van de tenuitvoerlegging van het vonnis van de Kantonrechter. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling en afdoening conform artikel 467, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 26 oktober 2010.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herziening gegrond, schorst de tenuitvoerlegging en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor hernieuwde behandeling.