ECLI:NL:HR:2010:BO1748
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. De Hoge Raad beoordeelt de middelen van cassatie en constateert dat middelen I en II niet voldoen aan de wettelijke vereisten en blijven onbesproken. Middel III leidt niet tot cassatie omdat het geen rechtsvragen van belang oproept.
De Hoge Raad stelt ambtshalve vast dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro is overschreden, aangezien meer dan twee jaar zijn verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Dit leidt tot een vermindering van de opgelegde gevangenisstraf met zes maanden.
Uiteindelijk vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof uitsluitend voor wat betreft de duur van de straf en vermindert deze met vijf maanden en drie weken. Het beroep wordt voor het overige verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 26 oktober 2010.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd met vijf maanden en drie weken wegens overschrijding van de redelijke termijn.