ECLI:NL:HR:2011:BP0684
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep in cassatie inzake Wet waardering onroerende zaken en onroerendezaakbelastingen
In deze zaak heeft X beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 18 december 2009, waarin een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en de daaraan gekoppelde aanslag in de onroerendezaakbelastingen werd bevestigd.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geconcludeerd dat het beroep niet ontvankelijk is op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State (RO). Dit artikel bepaalt dat cassatieberoep niet kan worden ingesteld tegen uitspraken die geen prejudiciële vragen bevatten of niet aan de Hoge Raad zijn voorgelegd.
Daarmee is het arrest van het gerechtshof bekrachtigd en is de aanslag in de onroerendezaakbelastingen zoals opgelegd aan X definitief gebleven. De procedure betreft een bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke kwestie rondom de waardering van onroerende zaken.
De uitspraak bevestigt de beperkte rol van de Hoge Raad in cassatieprocedures binnen het bestuursrecht, waarbij de toetsing zich richt op de rechtsvragen en niet op de feiten of belangenafwegingen die aan het gerechtshof zijn voorgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen en het arrest van het gerechtshof is bekrachtigd.