ECLI:NL:HR:2011:BP2959
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt heffing binnenhavengeld wegens ontbreken kaart in verordening
Belanghebbende werd door de gemeente Meppel een naheffingsaanslag binnenhavengeld opgelegd over de periode van 28 februari tot en met 6 maart 2004. Na bezwaar en beroep bij de Rechtbank en het Hof, die de aanslag handhaafden, stelde belanghebbende beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De kern van het geschil betrof het ontbreken van een bij de Verordening binnenhavengelden 2002 behorende kaart waarop de havenwateren zijn aangegeven. Het Hof had geoordeeld dat de gemeenteraad de kaart van een eerdere verordening gebruikte, maar dit kon niet worden vastgesteld uit de stukken.
De Hoge Raad oordeelde dat zonder een dergelijke kaart de verordening niet voorzien is van een adequate omschrijving van het belastbare feit, waardoor de heffing niet rechtsgeldig kan worden gebaseerd. Daarom vernietigde de Hoge Raad de uitspraken van Hof en Rechtbank, de naheffingsaanslag en de uitspraak van de heffingsambtenaar.
Daarnaast werden de gemeente en heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten aan belanghebbende. Dit arrest bevestigt het belang van een duidelijke omschrijving van het belastbare feit in belastingverordeningen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de naheffingsaanslag binnenhavengeld wegens het ontbreken van een kaart in de verordening en veroordeelt gemeente en heffingsambtenaar in proceskosten.