ECLI:NL:HR:2011:BP4786
Hoge Raad
- Verzet
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzet tegen arrest Hoge Raad inzake herzieningsverzoek belastingaanslag
Belanghebbende heeft verzet aangetekend tegen het arrest van de Hoge Raad van 24 september 2010, waarin zijn verzoek tot herziening van eerdere arresten van de Hoge Raad werd afgewezen. Het verzoek tot herziening betrof arresten over navorderingsaanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 1989.
De Hoge Raad heeft belanghebbende in de gelegenheid gesteld zich te laten horen tijdens een zitting op 15 december 2010. Bij de beoordeling van het verzet is vastgesteld dat een verzoek tot herziening ingevolge artikel 8:88 Awb Pro moet worden ingediend bij het rechtscollege dat de uitspraak heeft gedaan waarvan herziening wordt gevraagd. Dit betekent dat herziening van een gerechtshofuitspraak in belastingzaken niet bij de Hoge Raad kan worden gevraagd.
Verder is vastgesteld dat het verzet zich richtte op twee arresten van de Hoge Raad, van 12 oktober 2007 en 28 mei 2004. De aangevoerde feiten en omstandigheden boden geen grond voor een andere beslissing dan reeds gegeven, aangezien deze feiten belanghebbende vóór de arresten bekend waren en het beperkte toetsingskader van de Hoge Raad geen andere uitkomst zou rechtvaardigen.
De Hoge Raad verklaart het verzet ongegrond en ziet geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het verzet van belanghebbende tegen het arrest van 24 september 2010 wordt ongegrond verklaard.