ECLI:NL:HR:2011:BP6927
Hoge Raad
- Cassatie
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WSNP en verdeling baten bij faillissement volgens art. 350 F
In deze zaak stond de beëindiging van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) centraal, specifiek op grond van artikel 350 lid 3 onder Pro c van de Faillissementswet (F). De zaak betrof de verdeling van aanwezige baten na beëindiging van de WSNP in het kader van een faillissement. De rechtbank Roermond en het gerechtshof te 's-Hertogenbosch hadden eerder uitspraak gedaan, waarbij het hof het geschil beslechtte. Verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. Er was geen aanleiding om rechtsvragen te beantwoorden die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De conclusie van de Advocaat-Generaal tot verwerping van het cassatieberoep werd gevolgd.
Het arrest bevestigt de toepassing van artikel 350 lid 3 onder Pro c en lid 5 van de Faillissementswet bij de beëindiging van de WSNP en de verdeling van baten bij faillissement. De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en daarmee het oordeel van het hof bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof betreffende de beëindiging van de WSNP en verdeling van baten.