ECLI:NL:HR:2011:BP7978
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak over bezwaar tegen WOZ-beschikking en OZB-aanslag gemeente Alphen aan den Rijn
In deze zaak stond het beroep in cassatie centraal dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Alphen aan den Rijn had ingesteld tegen een uitspraak van het gerechtshof te 's-Gravenhage. Het geschil betrof een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en de aan een belanghebbende opgelegde aanslag in de onroerendezaakbelastingen (OZB).
De belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen de WOZ-waarde van zijn onroerende zaak, waarop het college een beschikking had genomen. Vervolgens was de aanslag OZB gebaseerd op deze WOZ-waarde. Het gerechtshof had de beschikking en aanslag getoetst en de bezwaren van de belanghebbende gegrond verklaard.
De gemeente stelde in cassatie dat het gerechtshof ten onrechte de beschikking en aanslag had vernietigd. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep echter afgewezen op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State (RO), waarmee de uitspraak van het gerechtshof in stand bleef.
Deze beslissing bevestigt dat de rechterlijke toetsing van WOZ-beschikkingen en de daarop gebaseerde belastingaanslagen zorgvuldig plaatsvindt en dat gemeenten gehouden zijn aan correcte waarderingen en aanslagen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de gemeente is verworpen en de uitspraak van het gerechtshof blijft in stand.