ECLI:NL:HR:2011:BQ3181
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake onvolledigheid processtukken en beslagrechtmatigheid
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van klaagster behandeld tegen een beschikking van de Rechtbank te 's-Hertogenbosch op een klaagschrift ex artikel 552a Sv. De kern van het beroep betrof de vermeende onvolledigheid van de processtukken en de rechtmatigheid van het beslag.
De Hoge Raad oordeelde dat de raadsman niet tijdig een schriftelijk verzoek tot aanvulling van de processtukken had ingediend zoals vereist in artikel 447, vijfde lid, Sv en het Procesreglement van de Strafkamer van de Hoge Raad. Met betrekking tot de pleitnota was het middel ongegrond omdat deze alsnog was toegezonden na een verzoek daartoe.
Daarnaast faalde de klacht dat de Rechtbank zich niet had uitgelaten over de rechtmatigheid van het beslag, omdat het klaagschrift geen feitelijke stelling bevatte die deze klacht ondersteunt. De Hoge Raad verwierp daarom het beroep en verwees de zaak terug naar de Rechtbank voor verdere behandeling.
De beschikking werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren in raadkamer op 7 juni 2011.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de zaak wordt terugverwezen naar de Rechtbank voor verdere behandeling.