ECLI:NL:HR:2011:BQ3653
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep in cassatie tegen arrest Gerechtshof Arnhem
Op 14 juni 2011 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 28 september 2009. Het beroep was ingesteld door verdachte en vertegenwoordigd door mr. J.J. Weldam, advocaat te Utrecht. De Advocaat-Generaal Jörg had geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering geen nadere motivering noodzakelijk was, omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz. De uitspraak bevestigt het oordeel van het gerechtshof en sluit het cassatieproces af.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen en het arrest van het Gerechtshof Arnhem bevestigd.