ECLI:NL:HR:2011:BQ4831
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wijziging omgangsregeling vastgesteld door Engelse rechter afgewezen in cassatie
In deze zaak verzocht de vader, woonachtig in Groot-Brittannië, om wijziging van een omgangsregeling die door een Engelse rechter was vastgesteld. De moeder, woonachtig in Nederland, was verweerster in cassatie maar verscheen niet.
De procedure doorliep verschillende instanties, waaronder de rechtbank Rotterdam en het gerechtshof te 's-Gravenhage, die eerder beslissingen namen over de omgangsregeling. Tegen de uitspraken van het hof stelde de vader beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van de vader onderzocht maar oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Er was geen aanleiding om rechtsvragen te beantwoorden die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De conclusie van de Advocaat-Generaal was gericht op verwerping van het cassatieberoep, hetgeen de Hoge Raad volgde. De beschikking werd gegeven door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Van Oven en Streefkerk en in het openbaar uitgesproken op 9 september 2011.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vader wordt verworpen en de eerdere beslissingen worden bevestigd.