ECLI:NL:HR:2011:BQ7403
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Gerechtshof over voorlopige aanslag inkomstenbelasting
De zaak betreft een cassatieberoep van de Minister van Financiën tegen een uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch over een aan een belastingplichtige opgelegde voorlopige aanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard, waarmee de uitspraak van het Gerechtshof in stand blijft. Hiermee wordt bevestigd dat de voorlopige aanslag rechtmatig is opgelegd.
Het arrest verwijst tevens naar een eerdere uitspraak (10/01744) die relevant is voor de beoordeling van de zaak. De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om de eerdere uitspraak te herzien of te vernietigen.
Deze beslissing bevestigt de rechtmatigheid van de belastingaanslag en onderstreept de jurisprudentie omtrent voorlopige aanslagen in het belastingrecht.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Minister van Financiën is ongegrond verklaard en de uitspraak van het Gerechtshof blijft in stand.