ECLI:NL:HR:2011:BR2982

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 oktober 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/02651
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • A.J.A. van Dorst
  • H.A.G. Splinter-van Kan
  • M.A. Loth
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in strafzaak door Hoge Raad

In deze strafzaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 18 mei 2010. De raadsman van de verdachte heeft een middel van cassatie voorgesteld, waarop de Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad heeft het middel beoordeeld en geoordeeld dat het niet tot cassatie kan leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist, omdat het middel geen rechtsvragen oproept die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en is uitgesproken op 11 oktober 2011.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen door de Hoge Raad.

Uitspraak

11 oktober 2011
Strafkamer
nr. 10/02651
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 18 mei 2010, nummer 22/006032-09, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1967, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. M.B. Brouwer, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De raadsman heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en M.A. Loth, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 11 oktober 2011.