ECLI:NL:HR:2011:BR4205
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatieberoep tegen uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake Werkloosheidswet
Belanghebbende heeft cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 5 januari 2011, waarin hoger beroep was ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Almelo. De zaak betrof een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) op grond van de Werkloosheidswet.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie behandeld en het beroep afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering, wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Hiermee komt een einde aan de procedure in cassatie, waarbij de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep in stand blijft. De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten in het kader van de Werkloosheidswet en de uitvoering daarvan door het UWV.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 81 RO, waardoor de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep in stand blijft.