ECLI:NL:HR:2011:BR5214
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding wegens mislukte sterilisatie
Eisers vorderden schadevergoeding wegens een mislukte sterilisatie, waarbij zij een beroep deden op de uitvoering van de geneeskundige behandelingsovereenkomst en de toepasselijkheid van art. 7:446 e.v. BW. Na eerdere vonnissen van de rechtbank en meerdere arresten van het gerechtshof Arnhem, waarin de vordering werd afgewezen, stelden eisers cassatieberoep in tegen het laatste arrest van het hof.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere uitspraken en constateert dat de in cassatie aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie. Gezien art. 81 RO Pro is geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en veroordeelt eisers in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee wordt het oordeel van het hof bekrachtigd dat geen recht bestaat op schadevergoeding wegens de mislukte sterilisatie.
De uitspraak benadrukt de terughoudendheid van de Hoge Raad bij het toetsen van feitelijke oordelen en bevestigt de rechtsregel dat een mislukte sterilisatie niet automatisch leidt tot aansprakelijkheid zonder nadere bewijsvoering over tekortkomingen in de behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van de schadevergoedingsvordering wegens mislukte sterilisatie.