ECLI:NL:HR:2011:BR5216
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en verjaring bij in verkeer brengen van gevaarlijke asbestplaten
Deze zaak betreft de aansprakelijkheid van Nefalit voor het in 1979 in het verkeer brengen van asbesthoudende golfplaten die later hebben geleid tot de dood van [betrokkene 1] aan mesothelioom.
De erven stelden Nefalit aansprakelijk wegens onrechtmatige daad, omdat zij de gevaren van de asbestplaten kende en naliet afnemers te waarschuwen. Nefalit voerde verjaring aan op grond van art. 3:310 lid 1 BW Pro.
De rechtbank en het hof verwierpen dit verweer en stelden dat de langere verjaringstermijn van dertig jaar uit lid 2 van dat artikel van toepassing is, omdat asbest een bijzonder gevaar van ernstige aard oplevert zoals bedoeld in art. 6:175 lid 1 BW Pro.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel, ondanks dat de vordering niet op art. 6:175 BW Pro is gebaseerd maar op onrechtmatige daad wegens het in het verkeer brengen van gevaarlijke producten zonder waarschuwing. De Hoge Raad oordeelt dat de langere verjaringstermijn ook hier geldt.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat de erven voldoende voortvarendheid hebben betracht om de identiteit van de aansprakelijke partij te achterhalen, waardoor de verjaringstermijn niet eerder begon te lopen. Het beroep van Nefalit wordt verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt toepassing van de dertigjarige verjaringstermijn op de vordering tegen Nefalit.