ECLI:NL:HR:2011:BS7789
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in Antilliaanse strafzaak
Deze zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verdachte tegen het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 20 mei 2010.
Verdachte was ten tijde van de aanzegging gedetineerd in het Huis van Bewaring "Bon Futuro" op Curaçao. Zijn advocaat heeft namens hem middelen van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft geoordeeld dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat, gelet op artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering, geen nadere motivering nodig is omdat de middelen niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep van verdachte verworpen en het arrest uitgesproken op 20 september 2011 door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.