ECLI:NL:HR:2011:BT2667
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afzien van oproeping getuige wegens gezondheidsrisico
In deze strafzaak heeft de verdachte beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin het hof afzag van het oproepen van een getuige. De getuige kampte met ernstige hartproblemen, zoals blijkt uit een medische verklaring van haar cardioloog, die stelde dat het medisch onverantwoord was haar te laten deelnemen aan de rechtszitting.
De raadsman van de verdachte verzocht aanvankelijk om het horen van de getuige, ook eventueel door de rechter-commissaris, en vroeg om aanhouding van de zaak. Het hof oordeelde echter dat het gevaar voor de gezondheid van de getuige zwaarder woog dan het belang van de verdachte om haar te horen en wees het verzoek af.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat het hof niet onjuist of onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat het gezondheidsrisico ook geldt bij verhoor door de rechter-commissaris. Tevens is het oordeel dat het voorkomen van gevaar voor de getuige zwaarder weegt dan het belang van de verdachte, feitelijk voldoende onderbouwd.
Het beroep in cassatie wordt verworpen, waarmee het arrest van het hof in stand blijft.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat het hof terecht heeft afgezien van het oproepen van de getuige vanwege gezondheidsrisico.