ECLI:NL:HR:2011:BT5901
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatieberoep inzake beschikking Wet op de vennootschapsbelasting 1969
In deze zaak heeft de Hoge Raad op 30 september 2011 uitspraak gedaan over een cassatieberoep van belanghebbende tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 4 november 2010. Het geschil betreft een beschikking zoals bedoeld in artikel 20a, lid 1, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (tekst 1998).
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet in behandeling is genomen. De uitspraak bevestigt daarmee de rechtsgeldigheid van de beschikking en het oordeel van het gerechtshof.
De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten, waarbij de Hoge Raad de procedurele vereisten en de toepassing van de wet op de vennootschapsbelasting heeft getoetst. Er zijn geen nadere inhoudelijke motiveringen of wijzigingen in het oordeel van het hof gegeven.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen met toepassing van artikel 81 RO, waardoor het arrest van het Gerechtshof Amsterdam in stand blijft.