ECLI:NL:HR:2011:BT8762
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen opgelegd over de jaren 1990-1995, 1997 en 1998, met verhogingen en boeten, alsmede aanslagen en boeten over 1999 en 2000. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen en boeten, maar het Hof vernietigde deze uitspraken, verminderde de aanslagen en boeten en schold de verhogingen deels kwijt.
Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Hof. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof de relevante jurisprudentie niet juist had toegepast bij de beoordeling van de boeten en verhogingen. Daarom werd het arrest van het Hof vernietigd voor de jaren 1990-1995 en 1997-2000 en verwees de Hoge Raad de zaak terug naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
De Hoge Raad gelastte tevens dat de Staat het betaalde griffierecht aan belanghebbende vergoedt. De overige klachten in cassatie werden niet gegrond verklaard omdat deze geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
Uitkomst: Het cassatieberoep is gegrond verklaard, het arrest van het Hof gedeeltelijk vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.