ECLI:NL:HR:2011:BU6501
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak Hof over navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen opgelegd over de jaren 1991 tot en met 2000, inclusief verhogingen en boeten, die na bezwaar door de Inspecteur werden gehandhaafd. Het hof verklaarde de beroepen gegrond, vernietigde de uitspraken van de Inspecteur en matigde de aanslagen, boeten en verhogingen.
Belanghebbende en de Staatssecretaris van Financiën stelden cassatieberoep in tegen het hofarrest. De Staatssecretaris trok zijn beroep in, waarna belanghebbende de Hoge Raad verzocht om de Staatssecretaris te veroordelen in proceskosten.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof miskenning had gemaakt van eerdere jurisprudentie (arrest 15 april 2011) omtrent het bewijs en de beoordeling van boeten. Daarom werd het arrest van het hof vernietigd voor wat betreft de verhogingen (1991-1997) en boeten (1998-2000) en verwees de Hoge Raad de zaak naar het gerechtshof te ’s-Gravenhage voor verdere behandeling.
De Hoge Raad veroordeelde de Staat tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de Staatssecretaris tot betaling van proceskosten aan belanghebbende. De zaak hangt samen met meerdere andere zaken in het bestuursrechtelijke belastingrecht.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest deels en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling door het gerechtshof te 's-Gravenhage.