ECLI:NL:HR:2011:BU7733
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek moordzaak wegens bekendheid nieuwe NFI-rapportage
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een definitief arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage waarbij de aanvrager is veroordeeld voor moord en andere strafbare feiten. De aanvrage stelde dat een nieuw NFI-rapport over de doodsoorzaak van het slachtoffer, waarin werd gesteld dat het slachtoffer overleden is door metalen splinters van een gefragmenteerde kogel, niet bij de stukken zat en tot een ander oordeel had kunnen leiden.
De Hoge Raad oordeelde dat dit rapport zich wel degelijk bevond bij de stukken waarover het hof beschikte en dat deze omstandigheid dus niet nieuw was. De wettelijke voorwaarden voor herziening vereisen dat het nieuwe feitenmateriaal niet bekend was bij de rechter die de veroordeling heeft uitgesproken.
Daarom is het verzoek tot herziening kennelijk ongegrond en werd het afgewezen. De Hoge Raad bevestigde hiermee de eerdere veroordeling en strafmaat van zestien jaar gevangenisstraf met onttrekking aan het verkeer. De uitspraak werd gedaan door de strafkamer van de Hoge Raad op 13 december 2011.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen omdat het vermeende nieuwe bewijs reeds bekend was bij het hof.