ECLI:NL:HR:2012:BV1879
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen en boeten opgelegd over de jaren 1991 tot en met 2000 in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen. De Inspecteur handhaafde deze na bezwaar, maar het hof vernietigde deze uitspraken en mat de aanslagen, boeten en heffingsrente naar beneden, waarbij ook kwijtschelding werd verleend.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof ten onrechte bepaalde onderdelen van een eerder arrest van 15 april 2011 had miskend, waardoor het hofarrest niet in stand kon blijven. De Hoge Raad vernietigde daarom het hofarrest voor het deel van de verhogingen over 1991-1997 en de boeten over 1998-2000 en verwees de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.
Daarnaast werd de Staatssecretaris van Financiën veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende, waaronder vergoeding van griffierecht en kosten voor rechtsbijstand. De Hoge Raad gaf tevens instructies mee voor de behandeling na verwijzing, met nadruk op onderdelen van het arrest van 15 april 2011.
De zaak betreft het zogenoemde Rekeningenproject en de beoordeling van de bewijsvoering en proportionaliteit van de opgelegde boeten en verhogingen. De Hoge Raad benadrukte de noodzaak tot zorgvuldige toetsing door het hof bij herbeoordeling.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het hofarrest gedeeltelijk vernietigd en de zaak verwezen naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling.