ECLI:NL:HR:2012:BW0218
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing kennelijk onredelijk ontslag
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van eiser verworpen tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 8 maart 2011. Eiser stelde dat sprake was van kennelijk onredelijk ontslag, maar de Hoge Raad oordeelde dat dit niet is komen vast te staan.
De procedure betreft een vervolg op eerdere rechtspraak, waaronder het arrest van de Hoge Raad van 27 november 2009. De Hoge Raad verwijst naar de stukken van het gerechtshof en de eerdere arresten, en concludeert dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie. De conclusie van de Advocaat-Generaal was eveneens tot verwerping van het cassatieberoep.
De Hoge Raad veroordeelt eiser in de kosten van het geding in cassatie en bevestigt het oordeel van het hof. Hiermee blijft het ontslag in stand en wordt geen kennelijk onredelijk ontslag vastgesteld.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het ontslag wordt niet als kennelijk onredelijk aangemerkt.