ECLI:NL:HR:2012:BW1958
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt vernietiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2001
Belanghebbende kreeg over het jaar 2001 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen opgelegd, inclusief heffingsrente. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslag en heffingsrente in één geschrift. De Rechtbank Haarlem verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de aanslag en heffingsrente.
De Inspecteur ging in hoger beroep bij het Hof Amsterdam, dat de uitspraak van de rechtbank vernietigde en het beroep ongegrond verklaarde. Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de middelen 1 tot en met 3 niet tot cassatie konden leiden en dat middel 4 niet ontvankelijk was omdat het nieuwe feiten betrof die niet eerder aan het hof waren voorgelegd. De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en bevestigde daarmee het oordeel van het hof. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof bevestigd.