ECLI:NL:HR:2012:BW3279
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad behandelt cassatie tegen uitspraak over inkomstenbelasting en boetebeschikking 2004
Belanghebbende X te Z heeft tegen een uitspraak van het gerechtshof Den Haag, waarin hoger beroep was ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag over een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2004 en de daarbij gegeven boetebeschikking, cassatieberoep ingesteld bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft dit cassatieberoep behandeld en afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State (RO), wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet in behandeling is genomen wegens procedurele redenen.
De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten met betrekking tot de aanslag en de boete, waarbij het hof het hoger beroep van belanghebbende heeft behandeld en de Hoge Raad vervolgens het cassatieberoep heeft beoordeeld.
De uitspraak van de Hoge Raad op 20 april 2012 bevestigt daarmee het oordeel van het hof en sluit de procedure af zonder inhoudelijke beoordeling van het cassatieberoep.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 81 RO, waardoor de uitspraak van het gerechtshof in stand blijft.