ECLI:NL:HR:2012:BW5403
Hoge Raad
- Cassatie
- J.A.C.A. Overgaauw
- D.G. van Vliet
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkstelling van ontbonden en vereffende vennootschap mogelijk volgens Invorderingswet 1990
Belanghebbende werd aansprakelijk gesteld voor belastingschulden van A B.V. over 2000 en 2001, ondanks dat A B.V. in 2003 ontbonden en vereffend was. Na bezwaar en beroep bij rechtbank en hof, waarbij de aansprakelijkstelling werd bevestigd, stelde belanghebbende cassatie in bij de Hoge Raad.
Het Hof oordeelde dat de aansprakelijkstelling rechtsgeldig is ook al vond de beschikking plaats nadat belanghebbende was ontbonden en vereffend. De bekendmaking van de beschikking is volgens het Hof geen constitutief vereiste voor aansprakelijkheid. Tevens is het niet nodig dat eerst heropening van de vereffening wordt verzocht.
De Hoge Raad bevestigt deze opvatting en verwijst naar eerdere jurisprudentie dat het vaststellen van aansprakelijkheid van een niet meer bestaande rechtspersoon neerkomt op het constateren van aansprakelijkheid voor onbetaalde belastingschulden. De middelen van belanghebbende worden verworpen en het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt de aansprakelijkstelling van belanghebbende ondanks ontbinding en vereffening.