ECLI:NL:HR:2012:BW5872

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 juni 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/01103
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt ontbinding huurovereenkomst woonruimte wegens betalingsachterstand

In deze zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst voor woonruimte centraal vanwege een betalingsachterstand van de huurder. De kantonrechter had eerder de ontbinding uitgesproken, welke beslissing door het gerechtshof werd bevestigd. De huurder stelde beroep in cassatie in tegen dit arrest.

De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen en het arrest van het gerechtshof en overweegt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie. De klachten zijn onvoldoende om rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling te beantwoorden, zodat nadere motivering achterwege blijft.

De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee de ontbinding van de huurovereenkomst. Tevens wordt de eiser veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, waarbij de kosten aan de zijde van de verweerder nihil worden begroot.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de ontbinding van de huurovereenkomst wordt bevestigd.

Uitspraak

29 juni 2012
Eerste Kamer
11/01103
EE/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes,
t e g e n
[Verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 213175\CV EXPL 08-1447 van de kantonrechter te Roermond van 29 april 2008 en 29 juli 2008;
b. het arrest in de zaak HD 200.020.600 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 21 september 2010.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO Pro.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.A. Loth en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 29 juni 2012.