ECLI:NL:HR:2012:BW6783
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid herzieningsaanvraag door bewindvoerder en mentor veroordeelde
In deze zaak heeft de Hoge Raad een verzoek tot herziening van een arrest behandeld dat was ingediend door de bewindvoerder en mentor van de veroordeelde. De Hoge Raad overweegt dat op grond van artikel 458 van Pro het Wetboek van Strafvordering een herzieningsaanvraag uitsluitend door de veroordeelde zelf of diens raadsman kan worden ingediend. Een indiening door een bewindvoerder en mentor is niet toegestaan en leidt tot niet-ontvankelijkheid van de aanvraag.
Daarnaast merkt de Hoge Raad op dat de aanvraag inhoudelijk geen kans van slagen had, omdat het arrest waarvan herziening wordt gevraagd geen einduitspraak is die een veroordeling inhoudt in de zin van artikel 457, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering.
De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag daarom niet-ontvankelijk en wijst het verzoek af. Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken op 29 mei 2012.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag niet-ontvankelijk omdat deze niet door de veroordeelde of diens raadsman is ingediend.