ECLI:NL:HR:2012:BW7473
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- M.A. Loth
- G. Snijders
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitsluiting niet-vertaalde Franse jaarstukken bij draagkrachtberekening kinderalimentatie
Partijen hadden een relatie waaruit drie kinderen zijn geboren. De man, directeur-grootaandeelhouder van MAK en aandeelhouder van buitenlandse vennootschappen, moest kinderalimentatie betalen. Het hof bepaalde de draagkracht mede op basis van jaarstukken van een Luxemburgse vennootschap, die in het Frans waren opgesteld zonder beëdigde vertaling.
De man stelde in cassatie dat het hof deze stukken niet buiten beschouwing had mogen laten en dat hij gelegenheid had moeten krijgen om alsnog een vertaling te overleggen. De Hoge Raad oordeelde dat het procesreglement verzoekschriftprocedures familiezaken gerechtshoven vereist dat stukken in een vreemde taal vergezeld gaan van een beëdigde vertaling, tenzij het eenvoudige leesbare stukken betreft. De Franse jaarstukken waren niet eenvoudig leesbaar en het hof mocht deze terecht negeren.
Verder was het aan de man om een vertaling aan te bieden, zeker nadat het hof had aangegeven de stukken niet te zullen betrekken. Ook de beoordeling van de afschrijvingen in de jaarstukken, die het hof niet aannemelijk achtte, werd door de Hoge Raad niet op juistheid onderzocht omdat dit een waardering van feiten betreft. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat het hof terecht de Franse jaarstukken zonder beëdigde vertaling buiten beschouwing liet bij de draagkrachtberekening.